Verleiden op het werk: waar eindigt onschuldig flirten en begint intimidatie?

Dit is een delicate vraag omdat het om een louter subjectief begrip gaat.  Seksuele intimidatie begint immers wanneer de persoon die er het voorwerp van is het gedrag als ongewenst ervaart.

Volgens de officiële definitie duidt ongewenst seksueel gedrag op het werk op elk ongewenst gedrag met seksuele connotatie dat als doel of gevolg heeft dat de waardigheid van een persoon wordt aangetast of een bedreigende, vijandige, beledigende, vernederende of kwetsende omgeving wordt gecreëerd. Dit ongewenst seksueel gedrag kan zich in verschillende vormen uiten, zowel fysiek als verbaal (wellustige blikken, dubbelzinnige opmerkingen of insinuaties, tonen van pornografisch materiaal, compromitterende voorstellen, aanrakingen, slagen en verwondingen, verkrachting, ...)".

De beoordeling zal dus afhangen van de persoon die zich aangevallen voelt (we hebben niet allemaal dezelfde tolerantiedrempel), van de persoon die verantwoordelijk is voor het gedrag (we kunnen een bepaald gedrag van sommige personen wel en van andere personen niet aanvaarden) en natuurlijk van de context (we kunnen aanvaarden dat we door een collega worden aangeraakt in een overvolle lift, maar niet in een lege lift).

Samengevat, ongewenst seksueel gedrag blijkt duidelijk wanneer iemand “avances” afslaat of, uit angst of verlegenheid, zichtbaar ontkent en wanneer de gesprekspartner, ondanks deze duidelijke weigering, voortgaat.

Hoe weet men wanneer men grenzen overschrijdt? Slechts één aanbeveling: communiceren!  Vraag aan de persoon die u “begeert” of hij/zij geen problemen heeft met uw houding en, omgekeerd, als u wordt begeerd, moet u op een assertieve manier (niet schadelijk voor de hoffelijkheid die de arbeidsrelaties regelt) duidelijk maken dat u van een bepaald gedrag niet gediend bent.

Als deze situatie ondanks alles blijft duren, zijn er wettelijke bepalingen in het geval van intimidatie op het werk.  Elke werkgever moet immers een preventiebeleid voeren binnen zijn bedrijf.  Dit beleid is uiteraard bedoeld om de werknemer te beschermen, maar ook om zich te beschermen in geval van misbruik. In omgevingen waar intimidatie getolereerd lijkt te worden, kunnen sommige personen er een instrument voor chantage van maken.

Wettelijke referenties:

  • Hoofdstuk Vbis (art. 32bis tot 32octiesdedies) van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, gewijzigd door de wet van 10 januari 2007 en van 6 februari 2007 (Belgisch Staatsblad van 6 juni 2007).
  • Koninklijk besluit van 17 mei 2007 betreffende de voorkoming van psychosociale belasting veroorzaakt door het werk, waaronder geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk (Belgisch Staatsblad van 6 juni 2007).
  • Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 72 van 30/3/1999 van de Nationale Arbeidsraad betreffende het beleid ter voorkoming van stress veroorzaakt door het werk, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 21 juni 1999 (Belgisch Staatsblad van 9 juli 1999).

Voor meer informatie hieromtrent kunt u contact opnemen met Frédéric Simon: fs@beci.be