Van een stad voor auto’s, naar een stad voor mensen

Ondernemers noemen mobiliteit als een van de grootste uitdagingen van Brussel. Daar ga ik mee akkoord. Ik hou u dan ook graag op de hoogte van de visie en concrete projecten van het Brussels Gewest.

Van de 350.000 dagelijkse pendelaars komt ongeveer de helft (meestal alleen) Brussel met de wagen binnengereden. Ik begrijp dat ze deze keuze maken want ze worden hiertoe aangemoedigd doordat er geen alternatief van het Brussels GEN-netwerk is, door de fiscale voordelen van bedrijfswagens en tankkaarten, en de fiscale aantrekkelijkheid van wonen op het platteland.

Pascal Smet

Brussel wordt overspoeld door wagens en kan dit niet meer slikken. De grote in- en uitgaande wegen zijn voor meer dan 85 procent verzadigd. Extra beton betekent extra files, en is dus geen oplossing. In de jaren vijftig en zestig gaven stadsplanners de auto hier vrije baan. Onze hoofdstad werd een echte city for cars met dagelijkse files, volle tunnels, door roet aangetaste gevels en een luchtkwaliteit, die de Europese emissienormen niet respecteert. We willen niet meer doen wat de afgelopen 50 jaar gebeurd is. Dan gaat de stad kapot en de leefbaarheid achteruit.

Brussel heeft een nieuw evenwicht nodig. Betonnen stadskankers die wijken opdelen en voorrang geven aan auto’s moeten eruit. Het ter ziele gegane Reyersviaduct en het autovrijmaken van het Spiegelplein in Jette zijn voor mij nog maar het startschot in een brede beweging waar we de stad teruggeven aan de mensen en investeren in nieuwe publieke ruimte.

Maar het moet meer zijn dan dat. Brussel moet haar inwoners en bezoekers uitnodigen om zoveel mogelijk te wandelen, te fietsen en het openbaar vervoer te gebruiken in plaats van altijd terug te grijpen naar de individuele wagen. De komende 10 jaar investeren we daarom meer dan 5 miljard in het openbaar vervoer: er komt een nieuwe metrolijn tussen Vorst en Evere, we leggen momenteel een nieuwe tramlijn aan tussen Simonis en de Heizel, we verlengen tramlijn 94 tot aan Roodebeek en we kopen properdere bussen die de Brusselse wijken beter zullen bedienen. Op dit openbaar vervoer zullen pendelaars vlot kunnen overstappen vanuit de 10.000 overstapparkings die er komen aan de rand van het Gewest. De Brusselse regering keurde een ambitieus meerjaren investeringsprogramma goed om de Brusselse tunnels te renoveren, te onderhouden en veilig te maken. Om de toegankelijkheid van onze hoofdstad te garanderen worden alle tunnels aangepakt. Verder maken we mogelijk dat autodelen in onze stad een waardig alternatief wordt voor de individuele wagen. En ten slotte leggen we tachtig kilometer afgescheiden fietspaden aan, onder andere rond de kleine ring waar geparkeerde auto’s plaats maken voor bomen, fietsers en wandelaars.

De marsrichting naar een ander, meer leefbaar Brussel, is ingezet. De meest attractieve metropolen in Europa voerden de voorbije een gelijkaardig beleid, denk maar aan München, Kopenhagen, Wenen, Lyon en Londen. We willen in Brussel van een stad voor auto’s naar een stad voor mensen. Er is nog veel werk, maar laat ons samenwerken door alternatieven aan te moedigen. Door werk te maken van carpooling en het mobiliteitsbudget. Zodat wie een alternatief heeft, daarvoor kan kiezen. En wie geen alternatief heeft, vlot kan rijden. We moeten nadenken over een grote stad op kleine, menselijke schaal. Een stad waar propere lucht, aangename pleinen, veilige straten en meer stadsgroen geen utopie meer zijn, maar de realiteit.

Ik ben steeds bereid in dialoog te gaan om deze visie toe te lichten.

Pascal Smet
Brussels minister van Mobiliteit en Openbare Werken
Januari 2017
Kabinet minister Pascal Smet
Koning Albert II-laan 37
1030 Brussel
02 517 12 00
info.smet@gov.brussels
www.pascalsmet.be

U kan een printversie van de grafiek aanvragen via Brussel Mobiliteit

Brussels for People