Recht op antwoord van Pascal Smet, Minister van Mobiliteit (BHG)

Dit wil helemaal niet zeggen dat Brussel niks kan doen. En wie me kent, weet dat ik mijn verantwoordelijkheid opneem. Neem mijn eerste legislatuur als minister van mobiliteit en openbare werken in Brussel. Collecto (deeltaxi’s) werd ingevoerd, net zoals Noctis (nachtbussen in het weekend) alsook Villo (het fietsdeelsysteem). De wettelijke basis werd gelegd voor het gewestelijk parkeerbeleid parkeergeleidingssysteem en overstapparkings inbegrepen. Investeringen in openbaar vervoer werden opgetrokken. Op enkele komma's na werd het Iris 2-plan uitgetekend. Helaas moest ik na vijf jaar afwezigheid inderdaad vaststellen dat de meeste dossiers nog steeds op uitvoering wachtten. En ik nam de draad dus weer op.

Zoals u wellicht gelezen of gehoord hebt na het begrotingsconclaaf van afgelopen weekend, investeren we de komende tien jaren 5,2 miljard euro in het openbaar vervoer. Tram 9 wordt op dit moment aangelegd, de verlenging van tram 94 start begin volgend jaar en we hebben de dossiers voor de metroverlenging figuurlijk op de rails geplaatst. We hebben het dossier van de overstapparkings gedeblokkeerd, het parkeeragentschap geoperationaliseerd en leggen nu de laatste hand aan aangepaste uitvoeringsbesluiten. De wetgeving rond autodelen (free floating) zal voor het einde van het jaar rond zijn. En zo kan ik nog even doorgaan.

U bent kennelijk niet zo goed op de hoogte. De autotunnel onder het Meiserplein komt er inderdaad niet (kosten-batenanalyse is negatief ook vanuit mobiliteitsoogpunt) maar er komen wel twee openbaar vervoertunnels. De metro wordt wel verlengd (waar haalt u eigenlijk het idee van minder metro?). Een tunnel van Koekelberg naar de E40 heeft geen enkel mobiliteitseffect, enkel een effect op de levenskwaliteit van de keizer Karellaan (maar daar is het u wellicht niet om te doen). Er is trouwens de laatste twintig jaar nooit een concreet plan in die richting geweest.

Het overleg met Vlaanderen over de ring is heropgestart. We leggen ook de laatste hand aan een regelgevend kader voor de modernisering van de taxiwetgeving en het bezoldigd vervoer van personen (we zullen daarbij wellicht een van de eerste Europese steden zijn). En de voetgangerszone is in transit nu, dat weet u, de werken starten in februari 2016.

Mijnheer Willemarck, u speelde in uw mail op de man en dat is onrechtvaardig en onjuist. U hebt dat ook erkend in een uitzending van Télé Bruxelles, waarvoor dank.

Maar wellicht is er een ander probleem. Deze Brusselse regering kiest inderdaad voor levenskwaliteit. Brussel loopt in dat opzicht achter in vergelijking met veel andere Europese steden. De laatste veertig jaar is alle ruimte gegeven aan de auto en we zijn een city for cars geworden met megafiles. Ik wil een city for people. Ik was onlangs op een event van de New Cities Foundation, mee georganiseerd door Google. Uw FIA organisatie was er trouwens ook. Ik hoorde er dat Duitse steden die bekend staan als auto-onvriendelijk geen files hebben. En zij die bekend staan als autovriendelijk hebben de grootste files.

De tijd van alle ruimte aan de auto is voorbij. Een nieuw evenwicht met plaats voor fietsers en voetgangers en aangename openbare ruimte is nodig. Wist u dat het meestal jonge ondernemende mensen zijn die de fiets nemen? Zij zijn de toekomst.

U zal de komende jaren kunnen rekenen op mijn inzet en doorzettingsvermogen om ijs te breken, vooruitgang te boeken en vastgeroeste vormen en gedachten los te weken. Ik heb een onwrikbaar geloof in de toekomst en weet dat voor de toekomst van Brussel wij en de federale overheid, alsook de Vlaamse overigens, een tand moeten bijsteken.

U zou mijn ongeduld eens moeten kennen. Ook ik vind dat het te traag gaat. Maar de context is wat ze is. Het is onze taak om die te wijzigen.

Voor een beter Brussel.

All the best,

Pascal Smet


Wordt vervolgd...

Beste ondernemers: Wij onthouden uit de reactie van Minister Smet vooral volgende zin:

Dit wil helemaal niet zeggen dat Brussel niks kan doen. En wie me kent, weet dat ik mijn verantwoordelijkheid opneem.

In de volgende dagen nemen wij daarom contact met het Kabinet van de Minister om onze prioriteitenlijst nog eens door te nemen. Want diezelfde nota kreeg hij ook al bij aanvang van zijn mandaat te lezen. Wij gaan er samen werk van maken, klonk het toen.

Wordt vervolgd.

Thierry Willemarck