Een gesprek met Hervé Hasquin “Europa kan de Brusselse economie nieuw leven inblazen”

Door 4 mei 2018 om 13:05 | 421 weergaven

Hervé Hasquin. D.R.

Hervé Hasquin, de vroegere minister-president van de Federatie Wallonië-Brussel, voormalige ULB rector en gewezen Brusselse minister in de jaren 90 geeft zijn standpunt over onze hoofdstad: mobiliteit en netheid allebei voor verbetering vatbaar.

 

De 75-jarige geschiedkundige en politicus Hervé Hasquin neemt nog steeds geen blad voor de mond. Begin de jaren 90 stond deze fervente voorstander van Europa mede aan de wieg van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Hij legt de vinger op een aantal pijnpunten, onder andere mobiliteit, netheid en politieke complexiteit. Voor Brussel Metropool schetste hij een paar oplossingen.

 

Brussel Metropool: Oordeelt u dat de terreuraanslagen het imago van Brussel hebben geschaad?

Hervé Hasquin: Ik bezoek regelmatig restaurants, bioscopen en schouwspelzalen. Ik heb niet de indruk dat de aanslagen de reputatie van Brussel hebben aangetast, behalve dan meteen na de ramp. De mensen zijn vergeetachtiger dan men vermoedt. Een Belg of een toerist die Brussel bezoekt, denkt niet noodzakelijk aan terreur. De mensen die deze gebeurtenissen van dichtbij hebben meegemaakt, zijn voor het leven getekend. Maar zij zijn de meerderheid niet. Een sector als het hotelwezen incasseerde zware klappen, maar herstelde ondertussen.

 

Globaal is de situatie van Brussel dus bevredigend?

Ik kan Brussel hoe langer hoe minder uitstaan. Ik heb daar 35 jaar gewoond en was Brusselse minister tussen 1995 en 1999. In 1999 had ik minister-president van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kunnen zijn. Een jaar voor de verkiezingen besprak ik dit met Louis Michel, de toenmalige partijvoorzitter. Ik vertelde hem dat de stad door haar complexiteit heel moeilijk te besturen zou worden, met haar 19 gemeenten, 19 politiehoofden, 19 stedenbouwreglementen enz. De vraag is: wie bestuurt de stad: het Gewest of de gemeenten? Brussel vergeet bovendien haar rol als hoofdstad van het land en haar verplichtingen tegenover Vlaanderen en Wallonië.

 

U vindt de stad dus minder aantrekkelijk dan vroeger?

Het is geen kwestie van aantrekkelijkheid: de grote musea en de handelszaken zijn er nog altijd. Maar het probleem heeft vooral te maken met mobiliteit. Ik woon in Silly, op 45 km van de hoofdstad en heb, jaar na jaar, meer tijd nodig om in de stad te geraken. De mobiliteit is een ramp. Dat is onder andere maar niet uitsluitend aan Pascal Smet te wijten. Er bestaat geen werkelijke coördinatie van de werkzaamheden tussen het federale niveau, het Gewest en de gemeenten. Overal moeten parkeerplaatsen weg, overal wordt de weg versperd. Als alternatief citeren de Belgen meer en meer steden als Rijsel, Valenciennes of Maubeuge.

 

Hoe zou u het imago van de stad in het buitenland weer opluisteren?

Indien de luchthaven van Zaventem goed functioneert en vele verbindingen aanbiedt, krijgen we veel meer toeristen in de hoofdstad. Neem nu het voorbeeld van Luik: daar ontmoet u veel Chinezen, dankzij de verbindingen. Ik betreur verder een anti-Europese cultuur binnen het Brusselse parlement en zelfs bij sommige ministers. Nochtans is het wel degelijk Europa die onze hoofdstad in leven houdt. De Europeanen beschikken over een aanzienlijke koopkracht. Brussel moet ook serieuze inspanningen leveren qua netheid. De stad ligt er bijzonder slordig bij, vooral in het centrum. Ik betreur verder een aantal politieke vergissingen, onder andere wat betreft de ‘overeenkomst’ die ik als volgt kan samenvatten: ‘Je krijgt van mij het voetbalterrein als ik de verkeersvrije zone mag aanleggen’ (een verwijzing naar de polemiek rond de bouw van het toekomstig Nationaal Stadion en het project van de voetgangerszone, die de voormalige Brusselse burgemeester Yvan Mayeur lanceerde, nvdr).

 

En wat denkt u van de verkeersvrije zone?

Ik beweer niet dat het een vergissing was, maar het project verdiende op zijn minst een studie en plannen. Er zijn bijvoorbeeld geen luxewinkels meer langs de Anspachlaan. Er lopen daar veel mensen rond, vooral jongeren die zich daar komen uitleven. Prima, maar we hebben ook koopkrachtige bezoekers nodig. Om het uitzicht van de stad aantrekkelijk te maken, zijn er standingvolle handelszaken nodig.

 

Wat zou u op politiek vlak in Brussel hervormen?

We hebben een gewestelijk hoofdcommissaris van politie nodig om de veiligheid en de organisatie te overkoepelen. Waarschijnlijk zal ik sommige van mijn vrienden burgemeester op de tenen trappen, maar ik beweer dat het stelsel van 19 gemeenten niet meer vol te houden is. Ik zou niet treuren, mocht alleen het Gewest overschieten.

 

Is het denkbaar Brussel diepgaand te hervormen en desnoods de gemeenten af te schaffen?

Gemakkelijk zal het zeker niet zijn. Er leven 6 à 7% Nederlandstaligen in Brussel. Gevoelig minder dan 20 jaar geleden, maar ze zijn beschermd. Op zich een goede zaak, want de Franstaligen genieten dezelfde bescherming. Voor al de gewestelijke materies zijn er acht ministers, of eerder vijf ministers en drie staatssecretarissen. De minister-president staat boven de taalgemeenschappen. Beslissingen berusten op een consensus en zonder de goedkeuring van de Nederlandstaligen kan niets worden beslist. Het volstaat dat één minister tegenstribbelt om alles te doen vastlopen. De Brusselaars moeten zich daar bewust van worden.

 

Enkele politici overwegen een afschaffing van de Federatie Wallonië-Brussel. U stond aan de wieg van dit orgaan en u verdedigt het voluit. Wat zijn de werkelijke troeven ervan?

Globaal kunnen we stellen dat de Brusselaars – een eilandje in Vlaanderen – op de steun van Wallonië mogen rekenen. Ten tweede is Namen zeker een mooie stad, die echter nooit tegen Brussel zal concurreren. De Federatie Wallonië-Brussel investeert ook veel in Brussel. Toch geloof ik dat de Gewesten de bevoegdheden van de Federatie gaan wegkapen, wat ik betreur. Laten we niet vergeten dat de hoofdstad met 15% werkloosheid kampt. Dat moet worden betaald, terwijl Brussel in de komende jaren minder geld zal ontvangen.

 

In een totaal ander domein wordt er nagedacht over een eventuele fusie tussen de ULB en de UCL. Vindt u, als voormalige rector van de ULB, dat een dergelijke fusie nuttig kan zijn?

Nee. Ik ben 13 jaar lang rector geweest van de ULB, decaan van een faculteit en vicerector. De kracht van de universiteiten in België danken wij aan een gezonde wedijver en een beetje concurrentie. Vergelijk met Frankrijk: alle universiteiten staan er min of meer onder staatsbeheer en worden politiek gecontroleerd. De meeste Franse universiteiten scoren lager dan de hogescholen. Er bestaat geen onderlinge wedijver en Frankrijk wil deze evolutie nu omkeren.

 

Hoe ziet u Brussel binnen 10 jaar?

België zal nog steeds bestaan. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ook, trouwens. Over de financiële situatie en de werkloosheid zijn geen betrouwbare voorspellingen mogelijk. Ik hoop vooral dat Brussel zijn achterstand zal wegwerken wat betreft de vorming van de jeugd. De problemen met cultuur en taal moeten worden geregeld. Belgen van buitenlandse afkomst spreken niet altijd Frans of Nederlands. Het uitzicht speelt nog altijd een rol bij rekrutering. Deze problemen moeten worden opgelost om mensen aan te werven.

 

Waaraan denkt u om onze hoofdstad een nieuwe economische dynamiek in te boezemen?

Ik ben een fervente voorstander van Europa. De aanwezigheid van de hoofdstad van de Europese Unie in ons land is dus een grote troef. We moeten onze Europese dimensie ontwikkelen. Laten we een halt toeroepen aan politici die een ultra lokale strategie ontwikkelen. Ik was destijds minister van stedenbouw. Toen waren heel wat politieke groeperingen tegen de Europese uitbreiding. De enige stad die Brussel zou kunnen vervangen is Antwerpen, met Bart De Wever. Ik beweer niet dat Europa zich in Antwerpen zou kunnen gaan vestigen. Bovendien zou de hoofdstad zonder Zaventem al gauw een groot dorp worden.

 

Wat zou u op korte termijn concreet veranderen, als u nog in de regering zat?

Ik zou de metro verder ontwikkelen. Ik was daar voorstander van in 1995, toen de regering er tegen gekant was. Ik had graag een metrolijn laten aanleggen vanuit de Louizalaan, onder de Rooseveltlaan tot in Watermaal-Bosvoorde. Dit had een volledige as doorheen de stad kunnen vrijmaken, zonder het milieu te verstoren en zonder huizen af te breken. De bourgeoisie in Ukkel heeft de metro en de ring geweigerd. Dat betreur ik, want Ukkel wordt een van de gemeenten met de zwaarste verkeersoverlast en bovendien de meest vervuilde.

 

 

Delen