Ondernemingen en douanes: we zouden ‘ns moeten praten

22 mei 2018 om 08:05 | 549 weergaven

©Thinkstock

Zijn de Belgische exporteurs klaar voor de Brexit? Weten ze genoeg af van de Ceta? Beschikken ze over duidelijke en volledige informatie rond douaneprocedures? Dit is een greep uit de enquête die Beci net voor het gewestelijk Douane-Forum organiseerde. Hieruitblijkt dat ondernemingen een betere communicatie vragen van de douanediensten.

 

27 maart zag de tweede editie van het Brusselse Douane-Forum, samen door Beci en de diensten van Douane georganiseerd. Deze ontmoeting tussen Brusselse ondernemingen en de Douane was bedoeld om de dialoog op gang te brengen en mogelijke problemen aan te kaarten. Ja, want ondertussen treedt het nieuwe Douanewetboek van de Europese Unie (DWU) geleidelijk in werking, om tegen eind 2020 volledig van kracht te zijn.

Om de samenkomst voor te bereiden, raadpleegde Beci internationaal actieve Brusselse ondernemingen. Het staal was weliswaar beperkt maar representatief, en bestond uit enkele grotere ondernemingen en KMO’s die aan export doen. Beci peilde naar hun perceptie van de douaneprocedures en hun standpunten over enkele actuele internationale vraagstukken, waaronder Brexit en Ceta.

Deze twee topics leverden een verrassende vaststelling op: de ondernemingen beschouwen zichzelf meestal als beter geïnformeerd over de Brexit (waarvan de onderhandelingen nog volop aan de gang zijn) dan over de Ceta, het vrijhandelsverdrag tussen Europa en Canada, dat ondertussen al van kracht is. “Een schijnparadox”, oordeelt Jean-Philippe Mergen, directeur van Enterprise Europe Network bij Beci. “Dit getuigt wellicht van de prioriteiten van de Brusselse ondernemingen, die veel nauwer betrokken zijn bij de handel met Groot-Brittannië dan met Canada. België is trouwens bijzonder kwetsbaar voor alle risico’s die de Brexit inhoudt. Studies beweren dat wij, qua impact, het tweede Europese land zijn, na Ierland. Voor sommige grote Belgische bedrijven loopt de impact in de tientallen miljoenen euro op. Het is dan ook logisch dat onze ondernemingen hier bijzonder attent op zijn.”

In dit verband ergert Jean-Philippe Mergen zich wel aan de antwoorden op een andere vraag van de enquête: slechts één onderneming op drie heeft de nodige maatregelen getroffen om de Brexit voor te bereiden. “Groot-Brittannië verlaat de eenheidsmarkt binnen één jaar. Voor de bedrijven is het hoog tijd om een diepgaande analyse uit te voeren van hun waardeketen en hun productieprocessen. Ze moeten nu inzicht krijgen in de risico’s, om deze te voorkomen. Als u koekjes uitvoert naar het Verenigd Koninkrijk, bent u per definitie bij de Brexit betrokken. Dit geldt ook als u Engelse boter invoert om koekjes te produceren, want deze grondstof zou vanaf volgend jaar duurder kunnen worden. U bent ook betrokken als u een beroep doet op een laboratorium in Manchester of Birmingham om uw producten uit de testen en een certificatie te verkrijgen. Hoe zullen de prijzen van de dienstverlening in dit laboratorium evolueren? Zullen de Britse normen morgen afwijken van de Europese? Zal dit labo nog erkend zijn voor de EU markt? Misschien moet u alternatieven voorzien. De analyse van de waardeketen is van fundamenteel belang.”

 

Een telefonisch informatiecentrum van de douane? Schitterend idee!

Een ander resultaat van de enquête: tegen alle verwachtingen in, tonen de Brusselse ondernemingen weinig belangstelling voor multimodaal transport in een stad waarvan de infrastructuur wegennet,  spoorweg, waterwegen en luchtvaart combineert. Ze zien er blijkbaar geen meerwaarde in. “Een verrassende vaststelling. Misschien is dit te wijten aan de impact van overlading. Of aan de betrekkelijke ondoeltreffendheid van bepaalde vormen van internationaal vervoer …”

De enquête beklemtoont ten slotte de vraag van de ondernemingen naar een betere communicatie en klantenservice bij de douane. De grote meerderheid spreekt zich uit voor de oprichting van een telefonisch informatiecentrum bij de Algemene Administratie Douane en Accijnzen (AAD&A). Bovendien vraagt de helft van onze respondenten verduidelijkingen over de zelfcertificering preferentiële oorsprong (het Rex systeem, dat wij in een volgend artikel zullen bespreken).

“Er werden al belangrijke inspanningen geleverd”, geeft Jean-Philippe Mergen toe. “Zo bestaat er bijvoorbeeld een contactpunt met klanten binnen de douanediensten. Maar verdere verbeteringen zijn best mogelijk.”

Informatie: Jean-Philippe Mergen – Tel. 02 210 01 77 – jpm@beci.be

Gewestelijk douanecontact: da.klama.kb.brussel@minfin.fed.be

 

Delen