Digitalisering: er wordt van België beter verwacht

12 juni 2018 om 10:06 | 787 weergaven

©Reporters

België verschijnt op de 21e plaats in de Digital Agility Index (DAI), die Euler Hermes in maart publiceerde. Een stabiel resultaat, identiek aan dat van vorig jaar.

Volgens de initiatiefnemers meet de DAI de capaciteit van 115 landen om bedrijven een gunstig klimaat te bieden voor hun ontwikkeling, in een context van wereldwijde digitale omwenteling.

Deze eenentwintigste plaats is op zichzelf geen slecht resultaat. Hiermee belandt België in het topkwartaal van de meest gedigitaliseerde landen en laat veel landen achter zich die niet minder ontwikkeld zijn dan het onze. Zo bijvoorbeeld Nieuw-Zeeland, Israël of de Verenigde Arabische Emiraten.

Toch presteren we teleurstellend. Ambitie en economisch realisme moeten ons aanzetten om onszelf te vergelijken met degenen die beter scoren. En dit beeld is minder bemoedigend, omdat het ons aantoont dat al onze naaste buren – welja, alle – ons voorafgaan.

Dat de Verenigde Staten, met een score van 87,0, duidelijk op kop lopen, zal niemand verbazen. Een stuk verderop vinden we Duitsland (75,3), gevolgd door Nederland (74,3). Ja, hoor, Nederland, een land dat sociaaleconomisch zeer vergelijkbaar is met het onze, behoort tot de wereldtop van de sterkste 3 digitalisatielanden. Ook het Verenigd Koninkrijk (72,0), Luxemburg (67,5) en Frankrijk (65,5) doen het beter dan België (64,0).

Uit de methodologie valt nog meer te leren. De deskundigen van Euler Hermes stelden hun index samen aan de hand van vijf criteria, ontleend aan geloofwaardige bronnen als de Wereldbank of het Economisch Wereldforum. We zetten de criteria even op een rijtje: regelgeving en ondernemingsklimaat; onderwijs- en onderzoekstelsels; connectiviteit (het percentage aangesloten bevolking en het aantal servers); logistieke infrastructuur en marktomvang. Dit laatste criterium benadeelt natuurlijk de kleinere landen, maar geldt net zo goed voor Nederland of Luxemburg als voor België.

Wat de andere criteria betreft, merken we dat ons land vrij goed presteert op het gebied van onderwijs en infrastructuur, maar veel minder goed inzake ondernemingsklimaat en connectiviteit.

Dit soort rangschikking dient natuurlijk in perspectief te worden gezien, maar de resultaten schetsen in ieder geval een aantal trends. Als België morgen tot de kopgroep van de digitalisering wil toetreden, dan grijpen we best op twee niveaus in: enerzijds het creëren van een gunstige omgeving voor nieuwe economieën, met werving van talent en integratie van innovatieve digitale technologieën in de bedrijfswereld, en anderzijds het nemen van initiatieven om de beruchte “digitale kloof” te dichten, waardoor te veel burgers, maar ook bedrijven, achterblijven.

Beci is hierbij betrokken: we pleitten al voor 5G en zouden graag Brussel een expertisecentrum voor kunstmatige intelligentie zien worden. Op het vlak van mobiliteit werken we heel concreet samen met bedrijven uit de sector. Het is daarbij de bedoeling om, aan de hand van gegevens en analyses van gedragingen, oplossingen te bieden voor de stad. We hopen trouwens dat deze samenwerking kan worden uitgebreid naar de overheid.

 

Optreden is de enige manier om België efficiënt en competitief te houden in een wereld die de digitale toer opgaat – en niet op ons zal wachten.

 

Delen