Vertalingen openen nieuwe markten

Door  - 6 november 2018 om 17:11 | 33 weergaven

©Getty

Waarom genieten Belgische en meer bepaald Brusselse vertaalbureaus zoveel faam in het buitenland? De sector kon zich in onze hoofdstad decennialang op een unieke manier ontwikkelen door de aanwezigheid van de Europese instellingen, talrijke internationale organisaties en hoofdkantoren van multinationale ondernemingen. Belgische bedrijven die over de grenzen kijken, kunnen daar hun voordeel mee doen. Wij laten drie deskundigen aan het woord over de nieuwste ontwikkelingen en de uitdagingen voor morgen.

Eigenlijk was België al vóór de komst van de Europese instellingen naar onze hoofdstad een mekka voor vertalers. Dat had natuurlijk te maken met de meertaligheid van ons land, die diverse gevolgen had: een hoge kwaliteit van de taalopleidingen aan universiteiten en hogescholen, een gezonde concurrentie tussen de talrijke vertalers en vertaalbureaus en al bij al schappelijke prijzen. Organisaties in het buitenland hebben dit snel door. Erik Buelens van taalbureau Litteris: “Mijn eerste grote klant was een multinationaal telecommunicatiebedrijf. Ik heb er hard voor gewerkt. De mond-tot-mondreclame deed de rest. Als ik voor een Belgische dochteronderneming werk, word ik vroeg of laat door buitenlandse filialen van dezelfde groep benaderd.”

Omgekeerd kan een Belgisch bedrijf dat een buitenlandse markt wil veroveren niet zonder vertalingen. “Engels is in handel en industrie dan wel de internationale voertaal, maar mensen krijgen informatie toch nog altijd liever in hun eigen taal”, zegt Ania Barbé van Ubiqus België. Denk aan websites, gebruikershandleidingen, product sheets, contracten, redactionele teksten … Bedrijven doen vooral in twee gevallen een beroep op vertalers: als ze zich tot een andere taalgemeenschap richten of als ze documenten van een buitenlands filiaal ontvangen en die op de eigen markt willen gebruiken.

Een steeds bredere dienstverlening

De drie deskundigen zijn het erover eens dat “vertalen” nu veel meer dan vroeger een vlag is die vele ladingen dekt. “Vertalers en tolken waren altijd al de schakel tussen een bedrijf en zijn gesprekspartners – klanten, leveranciers, partners, prospects, …“, zegt Ania Barbé. “Maar nu stellen vertaalbureaus zich ook als partners op die een steeds grotere verscheidenheid aan diensten aanbieden.”

Raphaël Choppinet van Beelingwa bevestigt deze evolutie. Het aanbod van dit meertalige communicatie- en vertaalbureau is de jongste jaren geëvolueerd om bedrijven beter te ondersteunen in hun internationaliseringsproces. “Naast vertaalwerk bieden wij nu ook internationale webmarketing en meertalige communicatiediensten in de breedste zin van het woord, zoals internationale SEO, meertalig beheer van sociale media, internationale contentmarketing enz.“, zegt hij.

” Pas uw hele communicatiestrategie aan de lokale markt aan. Een goede kennis van de cultuur van het land in kwestie is heel belangrijk.” Raphaël Choppinet (Beelingwa)

Met vertalingen alleen scoor je immers niet in het buitenland. Raphaël Choppinet: “Pas uw hele communicatiestrategie aan de lokale markt aan. Wat in België prima werkt, slaat in Italië of een Aziatisch land misschien nergens op. Uw buitenlandse doelgroep is vaak gevoelig voor andere argumenten, communiceert anders, gebruikt andere communicatiekanalen, lacht met andere dingen … Kennis van de cultuur van het land in kwestie is dus heel belangrijk. Dat onze vertalers ter plaatse werken, is dan ook een groot pluspunt voor onze klanten.

Ania Barbé legt de nadruk op de grote diversiteit van de opdrachten die Ubiqus krijgt: “Wij vertalen voor alle soorten media en doen aan ondertiteling (bijvoorbeeld voor bedrijfsfilms). Er is ook steeds meer vraag naar tolken, vaak inclusief de hele technische en logistieke omkadering.

Kwaliteit maakt geloofwaardig

Erik Buelens merkt dat klanten vaak onzeker zijn over de kwaliteit van hun eigen teksten, dus nog vóór er sprake is van vertalen: “Een ingenieur, marketingmanager, bedrijfsjurist, … is geen taalspecialist. Trouwens, de taalvaardigheid gaat erop achteruit. Spelling, stijl, structuur en inhoud laten vaak te wensen over.” Zelfs de meest innovatieve of baanbrekende producten of diensten floppen als de communicatie stuntelig is. De klanten van Litteris appreciëren dan ook de aanzienlijke toegevoegde waarde van een herwerking van de brontekst.

“De menselijke inbreng zal altijd noodzakelijk zijn. Redactionele en literaire teksten stellen stilistische eisen waaraan geen enkele techniek kan voldoen. Er zijn grenzen aan de digitalisering.” Erik Buelens (Litteris)

De geloofwaardigheid van een bedrijf staat of valt met de kwaliteit van zijn communicatie. Elk bureau heeft zo zijn eigen aanpak in de zoektocht naar kwaliteit. Ania Barbé: “Wij laten de vertalingen van onze freelancers altijd controleren door taalkundigen, een kwaliteitsbevorderende aftersales-service die wij graag aanbieden.” Raphaël Choppinet legt de nadruk op een zorgvuldige selectie van vertalers: “Al onze vertalers zijn native speakers: zij vertalen alleen naar hun moedertaal. En voor teksten met een specifieke woordenschat, zoals recht of geneeskunde, doen wij een beroep op gespecialiseerde taalkundigen.” Volgens Erik Buelens mag je de menselijke dimensie nooit uit het oog verliezen: “Hoe persoonlijker de relatie met een klant, hoe beter het werk. Ik probeer dus altijd de klant te leren kennen om te weten wat hij echt verwacht, voor welke doelgroepen de teksten bedoeld zijn enz. Dit schept bovendien een klimaat van vertrouwen.”

Nieuwe uitdagingen

Bedrijven en organisaties communiceren nu heel anders dan pakweg 15 jaar geleden, via nieuwe communicatiekanalen. De vertaalsector past zich hieraan snel aan. Bij steeds meer vertaalopdrachten is de content bestemd voor het internet en andere digitale media. Maar als je voor het web schrijft, gelden andere regels dan voor gedrukte media. “Je moet rekening houden met het leesgedrag op een scherm en de (klik)gewoonten van internetgebruikers. Onze teksten moeten ook vaak voldoen aan de SEO-regels”, aldus Ania Barbé.

Raphaël Choppinet is het daarmee eens: “In het digitale tijdperk doen meertalige communicatiebureaus veel meer dan inhoud correct vertalen. Zij ondersteunen hun klanten om de zichtbaarheid en conversiegraad van hun content te verhogen.” Ania Barbé wijst op een paradox: bedrijven eisen steeds kortere deadlines, terwijl de communicatie steeds gelaagder en diverser wordt, waarbij voor elk genre specifieke regels gelden. “Dit vraagt meer opleiding, want we moeten hoe dan ook aan de verwachtingen van onze klanten blijven voldoen“, zegt ze.

Automatische vertalingen?

Bedrijven dromen er al lang van: je stopt aan de ene kant een document in een machine en aan de andere kant rolt er een perfecte vertaling uit. En het klopt dat vertaalsystemen steeds betere teksten afleveren, vooral dankzij artificiële intelligentie. Luidt AI de doodsklok voor de vertaler? Voor de drie specialisten is het antwoord duidelijk: neen. Maar de vertalers moeten zich wel aanpassen.

Ania Barbé: “Zowel vertaalprogramma’s als mensen hebben hun sterke punten en wie erin slaagt om die twee perfect te laten samenwerken, haalt de beste resultaten.” Bij sommige genres – zoals beschrijvende of normatieve teksten – kan vertaalsoftware een goede basisvertaling leveren, bij andere helemaal niet. “De menselijke inbreng blijft noodzakelijk. Redactionele en literaire teksten stellen stilistische eisen waaraan geen enkele techniek kan voldoen. Er zijn grenzen aan de digitalisering“, meent Erik Buelens. Maar niet alle ondernemingen beseffen dat. “Sommige bedrijven zien geen toegevoegde waarde meer in de menselijke inbreng. Dit verhoogt aanzienlijk de druk op doorlooptijden en prijzen“, besluit Ania Barbé.

“Je moet rekening houden met het leesgedrag op een scherm en de (klik)gewoonten van internetgebruikers. Onze teksten moeten ook vaak voldoen aan de SEO-regels.” Ania Barbé (Ubiqus Belgium)

 

 

 

Betere vertalingen met big data?

Google Translate of professionele, betaalde vertaaltools: steeds meer programma’s automatiseren het vertaalwerk, althans gedeeltelijk. Of de resultaten overtuigend zijn, is een andere vraag. De programma’s maken onder andere gebruik van big data. Erik Buelens legt uit: “Statistische modules identificeren relevante zinswendingen en terminologische keuzes in een enorme verzameling teksten die voor iedereen toegankelijk zijn, vaak van overheden. De algoritmes zijn zelflerend: hoe meer teksten ze verwerken, hoe beter ze worden. De machine leert contextafhankelijk de meest geschikte woorden te kiezen in plaats van zomaar een synoniem.” Deze technologie werd onlangs ingezet voor vertalingen over de Algemene Verordening Gegevensbescherming, met zeer goede resultaten.

 

Delen