Bruno Colmant: “Wij gaan wilde tijden tegemoet”

Door Didier Dekeyser  - 28 november 2018 om 14:11 | 331 weergaven

Bruno Colmant is een beroemd economist, voormalig voorzitter van de Beurs van Brussel en nu belast met economisch onderzoek bij Degroof Petercam. Hij observeert en bespreekt de sociaaleconomische ontwikkelingen in onze samenlevingen in scherpe en vaak pessimistisch getinte bewoordingen – ook al ontkent hij dat. Bij die man moesten wij terecht voor ons dossier over risicobeheer.

 

Brussel Metropool: Over risico’s kan eindeloos worden gedebatteerd. Als we dit thema breder aankaarten dan de louter financiële dimensie, waarvoor bent u vandaag bang, mijnheer Colmant?

Bruno Colmant : In de afgelopen tien jaar verergerde de confrontatie tussen twee economische modellen aanzienlijk. Beide zijn kapitalistisch, maar berusten op verschillende fundamenten. Enerzijds het gematigde kapitalisme, onder de vorm van de paternalistische en herverdelende Staat zoals we die kennen, en anderzijds het Angelsaksische kapitalisme, waarvan de ware aard vandaag opborrelt (in de gewelddadigheden van Trump onder andere, maar helaas niet alleen daar). Dat tweede kapitalisme is resoluut roofzuchtig.

 

“Vandaag zijn de Europese volkeren bitter en boos op hun staten en op Europa zelf. (…) Een van de grootste risico’s die ik vandaag waarneem, is dan ook dit sociale bewustzijn dat vervliegt.”

Bruno Colmant

 

De crisis van 2008 en de toegepaste oplossingen hebben de sociale ongelijkheden evenals de bestaande of potentiële maatschappelijke uitdagingen verscherpt. De confrontatie tussen een Europees katholiek kapitalisme en zijn Angelsaksische protestantse tegenhanger is zeker niet nieuw, maar 2008 heeft de overhand van het Angelsaksische model op onze eigen opvattingen aangetoond. Omdat we afdwalen van het sociaaldemocratische model dat tot onze traditie behoort, ontstaat er een diep sociaal en politiek onbehagen. Dit uit zich aan beide zijden door een verstijving van de bevolking en van het politieke gedachtegoed via een soort verlangen naar verticalisering van de macht. Vandaag zijn de Europese volkeren bitter en boos op hun staten en op Europa zelf. Zij voelen zich niet beschermd tegen globalisering, de krachten die de markt beheersen, dus. Een van de grootste risico’s die ik vandaag waarneem, is dan ook de ondergang van het sociale bewustzijn, van het gevoel voor het algemeen belang en van onze traditie van sociale welwillendheid.

 

Is het Angelsaksische kapitalisme niet gewoon het natuurlijke verlengstuk van het Europese kapitalisme nadat globalisering en deterritorialisering het juk hebben afgeworpen van een vakbondsachtige tegenmacht die tot nu toe alleen een lokale invloed had?

Ze zijn fundamenteel verschillend. Het protestantse model beschouwt alles als een markt met onstabiele productiefactoren, arbeid en kapitaal. Deze elementen komen alleen in aanmerking vanuit het oogpunt van een eveneens onstabiele winstgevendheid in de toekomst, d.w.z. hun toekomstig nut. Hier kan er geen sprake zijn van een verankering in – of een relatie met – het verleden. Alles draait rond de toekomst. In onze samenlevingen, in onze kapitalistische cultuur pakken we dit totaal anders aan: we meten wat is bereikt en op basis daarvan gaan we delen. Wij hebben een retrospectieve en verantwoordelijke visie op de economie, terwijl het protestantse kapitalisme bijna uitsluitend op de toekomst is gericht.

Bovendien is dit Angelsaksische kapitalisme gebaseerd op monopolie of duopolie – dit geldt in ieder geval voor de nieuwe digitale actoren, maar die hebben zo’n groot gewicht dat ze zwaar doorwegen op de balans. Dit heeft dus niets meer te maken met het economische model van perfecte concurrentie dat we in het verleden wilden bevorderen. We bevinden ons nu in een economie die veel sterker gedreven, gestuurd en gecontroleerd wordt door zeer of zelfs overmatig machtige spelers.

Als we dit aanvaarden als oorzaken van wat er nu aan het gebeuren is, dan kunnen we veel dingen verklaren, waaronder de toename van ongelijkheden, de schuldenlast van de staten … En we mogen ons in de toekomst aan zeer hevige maatschappelijke schokken verwachten, en aan staten die hun rol niet vervullen. We zullen te maken krijgen met extreme sociale en politieke volatiliteit, vanwege de simplistische vraag van een groot deel van de bevolking naar sterke machten om zich te weren tegen de angst veroorzaakt door een wereld die te snel evolueert, en vanwege de lapidaire antwoorden die politici geneigd zullen zijn te geven.

 

De situatie die u voorspelt betrekt veel te machtige supranationale economische spelers en politieke actoren die noodgedwongen hun suprematie accepteren. Hoe kan een dergelijke dreiging worden afgewend?

Europa zou de uitweg kunnen bieden omdat de oplossing enkel supranationaal kan zijn. Paradoxaal genoeg verschrompelt en versplintert Europa vandaag, tot groot ongenoegen van de burgers die in een bepaald Europa geloven. En terwijl wij ons persoonlijk bewust worden van de opkomst van dreigingen, beseffen we de machteloosheid van individuele actie tegen deze ideologie, tegen het individualisme, tegen het communitarisme van volkeren en religies … We gaan een periode van grote onrust tegemoet.

 

Niet iedereen vreest voor dreigende gevaren. Bent u eerder catastrofistisch ingesteld?

Wie zou ons tien jaar geleden hebben geloofd als we het Europa van vandaag hadden aangekondigd? Als we hadden voorspeld wat een Salvini vandaag verklaart? Als we hadden gezegd dat de AfD de op een na grootste partij in Duitsland zou worden? Nu is het wel zo dat we dankzij de technologische vooruitgang beter en langer leven, bijvoorbeeld. Ben ik terecht verontrust? Misschien ben ik door mijn familiale achtergrond ‘genetisch’ ingesteld om attent te zijn op collectieve verschuivingen. Ik ben een van die mensen die volgens toekomstscenario’s functioneren en misschien tegenspoed voorspellen om de dreiging af te weren. Toch is het zo dat de sociale ongelijkheden toenemen. Dit geldt eveneens voor sociale moeilijkheden: hoewel het kapitaal sinds 2009 stand houdt, is het werk door toedoen van de globalisering en de digitalisering steeds meer gefragmenteerd, precair en losgekoppeld van vaste werkplaatsen. Het werk glipt nu weg zoals het kapitaal dat in het verleden heeft gedaan. (Amazon heeft bijvoorbeeld geen werknemers in België.) De mensen worden aangespoord om hun beroepsleven anders op te vatten. Maar zijn zij daar allen toe in staat? Dit alles verzwakt de bevolking en onze samenlevingen aanzienlijk, dat is een feit.

 

De sociale welwillendheid die teloorgaat, heeft ook een economische weerslag (algemene daling van de binnenlandse consumptie, massale werkloosheid, enz.). Italië is daar van overtuigd en weigert vandaag de bezuinigende toekomst die Duitsland in zekere zin oplegt en waarvan de euro het symbool is. Zou de Angelsaksische ideologie contraproductief zijn?

Het Angelsaksische kapitalisme is inderdaad tot een politieke ideologie uitgegroeid. Een ideologie heeft niets te maken met pragmatisme. Het hele Europese ontwikkelingsmodel berust op dit concept van liberalisme als onbetwiste regel. Dat stemt echter niet overeen met onze traditie. Precies deze ideologie leidde tot de totstandkoming van de eenheidsmunt, die vooral gericht is op zijn eigen stabiliteit, ten koste van het werk. Het is dan ook niet verwonderlijk dat sommige landen, zoals Italië, deze munt en de starheid van het opgelegde model – in bescheiden mate – betwisten. Ergens hebben ze gelijk als ze beweren dat ze er een andere visie op nahouden.

Bruno Colmant is de auteur of medeauteur van vele boeken. De jongste hiervan – “Le Prêtre et l’Économiste” verscheen onlangs bij uitgever La Renaissance du Livre. Hij schreef dit werk samen met de priester en filosoof Eric de Beukelaer en stelt er het kapitalisme, de rol van de Staat, de digitalisering, de plaats van het ideaal en het algemeen belang in vraag – naast andere onderwerpen.

Delen