De reputatie van de ingenieur opkrikken

Door Géry Brusselmans  - 8 mei 2019 om 16:05 | 517 weergaven

© Getty

Ondernemingen worstelen met het aanwerven van zogenaamde ‘hightech’ profielen. Naar verluidt kampt België met een tekort aan 500 ingenieurs per jaar. “We moeten de vooroordelen over dit beroep wegwerken en bruggen bouwen tussen onderwijs en bedrijfsleven”, verklaren deskundigen. 

Een IT-bedrijf zal in de komende jaren profielen moeten aanwerven die tot nu toe bijna onbestaande waren op de Brusselse arbeidsmarkt, namelijk specialisten in kunstmatige intelligentie, blockchain of data science. Voor de human resources managers van dit type bedrijf is het besef dat ook andere zogenaamde hightech sectoren op zoek zijn naar zulke witte raven, een magere troost.  

Deze profielen vallen meestal onder de benaming ‘WTEW’. Lees: Wetenschap, Technologie, Engineering en Wiskunde. In maart luidde Agoria, de Federatie van de Technologische Industrie, de noodklok met de aankondiging van een “tekort aan 500 ingenieurs per jaar in België”. In het hoger onderwijs zijn de vooruitzichten inderdaad niet echt aanmoedigend: in 2008 studeerden er 2500 studenten voor burgerlijk ingenieur of industrieel ingenieur. In 2018 zaten we onder de 1900.  

Frédéric Robert (ULB)

 

Dit tekort aan profielen, waar bedrijfsleiders van wakker liggen, is echter geen nieuws. “We zitten al 10 jaar met dat probleem opgescheept, verklaart Frédéric Robert, vice-decaan van de École Polytechnique de Bruxelles (ULB). “Dit is bovendien geen louter Belgisch fenomeen. Ook in buurlanden als Duitsland en Frankrijk daalt het aantal inschrijvingen.” Frédéric Robert wijt dit lage inschrijvingspercentage onder andere aan het imago dat ingenieursberoepen uitstralen: “Het grote publiek ziet een ingenieur vaak als iemand die een witte jas of een helm draagt, of een pak en een das. De ingenieursopleiding biedt echter veel meer uitzichten dan dat.”  Dit tekort staat in schril contrast met de resultaten van studies die ingenieurs eigenlijk ophemelen: zes mensen op tien zouden dit beroep aan hun kinderen of vrienden aanbevelen. Een andere troef is de bezoldiging. Een burgerlijk ingenieur verdient vaak meer dan 4000 € per maand. En bovendien vindt hij dikwijls een baan nog voordat hij zijn diploma op zak heeft!  

 

Een leerbelasting? 

Waarom kiezen zo weinig studenten voor wetenschappelijke of op wiskunde gerichte studies? Sommigen beweren dat het middelbaar onderwijs een van de oorzaken zou zijn. Wiskunde en natuurkunde worden daar als moeilijke en onaantrekkelijke vakken beschouwd. “Wij stellen jaar na jaar vast dat de vaardigheden van studenten die aan een baccalaureaat beginnen, achteruitgaan”, betreurt Xavier Van den Dooren, directeur van de Ecam (1000 studenten, van wie 400 eerstejaars baccalaureaat). “Een van onze belangrijkste inspanningen in het eerste jaar van het baccalaureaat is het opwaarderen van het niveau van onze studenten. Sommige vaardigheden die in principe in het middelbaar onderwijs worden aangeleerd, zijn onvoldoende ontwikkeld. Zo bijvoorbeeld het doorzettingsvermogen, de capaciteit om aantekeningen te maken en om zaken in hun geheel te bekijken. Onze projectaanpak motiveert de student. Het slagingspercentage is echter gedaald: we zitten vandaag rond 20 tot 25%, afhankelijk van het gekozen leertraject.”  

Xavier Van Den Dooren (Ecam)

Xavier Van den Dooren stelt dat “de zichtbaarheid van ingenieursstudies in de middelbare school moet worden vergroot en dat er meer samenwerking moet komen, met name door het betrekken en sensibiliseren van leraren wiskunde, wetenschappen of natuurkunde.” Ook de overheid zou het imago van het beroep kunnen opkrikken. “Op politiek vlak ontstonden initiatieven, maar van een massale actie is er geen sprake”, aldus Frédéric Robert. “We hebben een coördinatieplan nodig evenals de vereiste wetgeving om studenten en leerlingen in contact te brengen met de ondernemingen.” Xavier Van den Dooren pleit van zijn kant voor het Franse model van de ‘leerbelasting’. De ondernemingen betalen deze belasting om het leerlingwezen rechtstreeks te financieren. “De leerbelasting moedigt het bedrijf aan om actief deel te nemen aan de opleiding van studenten die binnen afzienbare tijd de arbeidsmarkt gaan betreden. Ook de formule van betaalde stages moet worden ontwikkeld. Op politiek vlak is er verder de financiering, die de afgelopen jaren echter is verminderd, in het bijzonder op technisch gebied. Bijblijven is op dit domein een dure inspanning. Hoe dan ook, een goede communicatie in de media zou nuttig zijn om de sector te promoten.” 

Bedrijven rekruteren rechtstreeks in de universiteiten 

Om de zeldzame witte raven te vinden, moeten bedrijven zich steeds aantrekkelijker opstellen en bij universiteiten gaan aankloppen. “Het is duidelijk dat de markt vandaag competitiever is”, weet Axelle Vanklemput, sourcing and recruitment coordinator bij het bouwbedrijf Besix. “Ook al zijn we nummer één, we kunnen ons niet veroorloven om op onze lauweren te rusten. Enkele maanden geleden hebben daarom besloten om onze aanwezigheid in de vijf Belgische universiteiten te versterken. We hebben zelfs gevraagd om eerder in het leertraject contacten te kunnen nemen, tijdens de bachelor jaren dus, wanneer studenten nog niet echt voor hun toekomstige oriëntatie hebben gekozen.”  

Om toekomstige ingenieurs aan te lokken, bestaan er onder andere de campus days, waar bedrijven studenten kunnen ontmoeten. Besix heeft echter ook gekozen voor een meer persoonlijke ondersteuning. Om ons te onderscheiden, organiseren we de Besix Professional Days, waarbij we 110 tot 130 jonge ingenieurs uitnodigen die we tijdens de campus days hebben ontmoet. Een dag lang leggen we concreet uit wat de filosofie van ons bedrijf is en wat het hen kan bieden. Vervolgens organiseren we speed interviews en geven we uitleg over de aangeboden voordelen. Wij bieden een innovatief en competitief pakket, om de studenten te overtuigen. Wat vooral opvalt, is dat studenten vaak niet bekend zijn met de inhoud van het ingenieursberoep. Hoe dan ook trachten we 20 tot 30 jongeren per jaar in dienst te nemen. Zelfs als ze niet tekenen, kunnen we met deze dagen een eerste contact leggen. En misschien komt daar enkele jaren later iets van in huis.”  

 

 

Het beeld van het meisje helemaal alleen in een aula vol jongens behoort binnenkort tot het verleden, want de ingenieursopleiding wordt langzaam maar zeker wat vrouwelijker. “De Polytechnische Faculteit van de ULB telt voortaan 20% meisjes. Ook in de andere universiteiten van het land is dit het geval, zegt Frédéric Robert, vicedecaan van de Brusselse Polytechnische Faculteit. “In sommige leertrajecten zoals bio-engineering en ingenieur architect, bereiken we zelfs bijna 50% meisjes.” Deze gestadige vervrouwelijking resulteert uit enkele communicatie-initiatieven van universiteiten en interprofessionele verenigingen. Vele deskundigen zijn de mening toegedaan dat een grotere openstelling van de sector voor vrouwen op termijn het tekort aan ingenieurs in België zou kunnen wegwerken.“Ik heb zes ingenieurs onder mijn medewerkers, twee mannen en vier vrouwen”, aldus Hilde De Cuyper, hoofd van het geotechnisch ontwerpbureau A+E Consult, in een recent artikel in L’Écho. “Ze presteren allemaal uitstekend, maar ik merk dat vrouwen iets nauwkeuriger zijn. Ze communiceren genuanceerder, begrijpen beter wat klanten verwachten en vertrouwen meer op hun intuïtie.” Sonja Berghman, head of group entreprise networking propositions bij Damovo (leverancier van informatie- en communicatietechnologieën) betreurde in hetzelfde artikel “het ontbreken van role models die vrouwen zouden aanmoedigen om een carrière in de sector te overwegen.” In België is 26% van de toekomstige burgerlijk ingenieurs en 11% van de studenten industrieel ingenieur een vrouw. Dit aantal neemt elk jaar langzaam maar zeker toe.  

Delen