In de voetsporen van Catherine Bodson…

Door Elisa Brevet  - 28 januari 2020 om 08:01 | 341 weergaven

Op 50-jarige leeftijd besloot Catherine Bodson haar levensloop een radicaal andere wending te geven. Ze had een internationale carrière achter de rug, zowel in de privé sector als bij Europese overheden, toen ze aan een ondernemerstraject begon met de oprichting van Pipaillon, een ambachtelijke conservenfabriek in hartje Brussel. Het concept berust op de knowhow van weleer voor de productie van conserven in glazen stopflessen: jams, chutneys, tapenades en kruiderij gemaakt van verse, biologische en lokaal geteelde en gekweekte producten. 

 

Als fijnproever, liefhebber van heerlijke producten en verdediger van ambachtelijke kennis, verklapte Catherine Bodson ons haar beste adresjes in Brussel. 

 Waar ze graag rondwandelt? Voornamelijk in twee wijken: het voortdurend veranderende stadscentrum waar Pipaillon zijn winkel heeft gevestigd: de Vlaanderenstraat, Sint-Kathelijne, de kades… en de gloednieuwe voedselmarkt Wolf!  En verder de wijk Lepoutre-Brugmann, waar ik sinds het vertrek van de kinderen woon: alle winkels liggen op loopafstand, je vindt er een echt stedelijk leven, maar toch dicht bij het Terkamerenbos, het Zoniënwoud en mooie parken. 

 

De kroeg waar je vrienden ontmoet? Tortue, in de Edith Cavellstraat. Een adres dat alles combineert wat ik leuk vind: een wijnbar met natuurlijke producten, een echt gevoel dat je welkom bent bij Yann en zijn bende, vrijgevige gerechten, een intieme sfeer en vrolijke klanten. Ondanks een piepkleine keuken serveren ze heerlijke bereidingen. De geroosterde ricotta is een speciale vermelding waard! 

 

 

Een gastronomisch restaurant? Spreekt me minder aan. Ik geef de voorkeur aan een genereuze, gezellige en smaakvolle keuken, zonder poespas, zoals bij Jamil’s l’Intemporelle. Ik raad zijn geweldig Omega 3 tartaartje aan, een delicatesse! Dit allemaal zonder stijve tralala!  

 

Om de dag optimaal te beginnen … Bij Matinal, Franz Merjaystraat. Een minimalistische bakkerij, waar je niets anders vindt dan het hoofdzakelijke en waar je koffie rechtstaand drinkt, op zijn Italiaans. Régis is de enige die me in het weekend uit mijn bed krijgt. De broden, stokbroden en gebakjes zijn allemaal gemaakt van natuurlijk meel. En daarnaast heerlijke boter, room rauwe melk en scharreleieren!  

 

 

Een ongewone plek ? De Villa Empain en de Boghossian Stichting die er nu gevestigd is. Ideaal om je in de wereld van de jaren ’30 onder te dompelen, om er te lunchen (lekker eten bij Tero!) en er te genieten van de kwaliteit en originaliteit van de tentoonstellingen.  

 

Cultuur? Ik wandel graag in het Paleis van Schone Kunsten. De kaart van de Vrienden van de Musea kaart geeft onbeperkt toegang tot de collecties en het gevoel een permanente gast te zijn. Vaak gaan mensen er alleen naartoe voor een tijdelijke tentoonstelling. Jammer, want de collecties zijn oneindig rijk en het is een waar genoegen om verloren te lopen in de museumzalen. 

 

Een voedingszaak? Niet één maar meerdere adressen langs een kleine wandeling in eenzelfde wijk. Begin bij Chez Petré in Ukkel: allerlei gevogelte en een warm welkom. Wat verder vind je vrijdagse biomarkt op het Brugmannplein, met kaashandelaar Jacques Defrenne, slager Stéphane March en de Ferme du Gasi voor groenten en fruit.  

 

Delen