Hotel Métropole & middelgrote bedrijven: de vergetenen van de crisis

Door Olivier Willocx  - 24 april 2020 om 17:04 | 547 weergaven

Met verdriet vernemen we de sluiting van dit symbool en dit vlaggenschip van Brussel: het legendarische Hôtel Métropole op het De Brouckèreplein. Als enige 5-sterrenhotel in Brussel dat niet tot een internationale keten behoort, is het hotel doordrenkt van de geschiedenis en knowhow van onze stad. Het laatste typisch prestigieuze merk in Brussel, de Métropole verdient beter dan het gebrek aan steun dat het krijgt.

Verzwakt door een context van crisis, gevolgd door een chaotische implementatie van de voetgangerszone in het stadscentrum, lijkt de Metropool de prijs te moeten betalen voor de COVID-19 crisis. Met zijn 129 medewerkers wordt de Metropool uitgesloten van het regionale steunsysteem. Alleen bedrijven met minder dan 50 werknemers komen in aanmerking voor compensatie ten gevolge van de lockdown. De achterliggende gedachte is dat de kleinste structuren de bedrijven zijn die de steun het hardst nodig hebben.

In werkelijkheid is dit een foute redenering. Omdat het een systemische en wereldwijde crisis is, worden middelgrote structuren evenzeer getroffen als kleine. Zelfs op het niveau van internationale structuren worden lokale verliezen en tekorten niet gecompenseerd door inkomsten uit andere segmenten en andere bestemmingen. Bedrijven, klein, middelgroot of groot, die hoge vaste kosten hebben, gaan uiteindelijk failliet.

In Brussel hebben we veel middelgrote bedrijven die momenteel geen regionale steun ontvangen. Dit betreft alle bedrijven met meer dan 50 personeelsleden. Onder hen veel hotels en merken uit Brussel. Winstgevende, welvarende bedrijven met veel banen voor de inwoners van Brussel. Een tijdelijke crisis van ongekende omvang dreigt ze resoluut neer te halen. Tienduizenden banen worden bedreigd.

Deze entiteiten met meer dan 50 werknemers, meer dan 1.300 in Brussel, zijn echter de grootste aanbieders van banen; ruim meer dan 400.000 banen. Brussel dreigt zijn vlaggenschepen en zijn bedrijven te verliezen, wat het juist uniek maakt. Als zodanig is het Hotel Métropole emblematisch. Zal Brussel al zijn Métropole-hotels laten sterven omdat bedrijven met meer dan 50 werknemers het niet verdienen om geholpen te worden? Is dit de Brusselse strategie voor economie en werkgelegenheid?

Zonder deze middelgrote bedrijven, blijkt elke herstelstrategie in Brussel hypothetisch. Kleine structuren alleen zullen een aanzienlijk aanbod niet opnieuw kunnen lanceren omwille van winstgevendheid om een banenvolume voor Brusselaars te garanderen.

Met dit in gedachten, is het passend een herstelstrategie voor Brussel te ontwikkelen voor de aanbodzijde van de economie. Dit is namelijk waar het probleem zich voordoet en waar de behoeften het meest dringend zijn. De vraagzijde dient in het algemeen niet te worden ondersteunt. Voor

restauranthouders zal hun grootste uitdaging niet zijn om klanten te vinden maar om een beperkt aanbod te organiseren, dat waarschijnlijk is gehalveerd vanwege de social distancing maatregelen.

In een periode van ineenstortende internationale vraag naar hotelkamers, is de directe uitdaging niet zozeer de marginale binnenlandse vraag te financieren, maar eerder het redden van hotels voor faillissementen. Er moet dringend aandacht worden besteed aan financiële steun voor de sectoren en niet aan middelen om de vraag te ondersteunen, dewelke toch niet of zeer marginaal zal komen ten gevolge van de COVID-19 maatregelen. Anders zal er geen aanbod meer zijn wanneer de vraag zal terugkomen!

Beci doet een oproep aan de Brusselse politieke wereld: in Brussel hebben we dringend een echte aanbod ondersteunende strategie nodig. Laten we samen optreden, voordat het te laat is.

 

Olivier Willocx, CEO Beci

Delen