De invloed van het coronavirus op de cargoverzekering

14 maart 2020 om 12:03 | 710 weergaven

©GettyImages
De impact van het uitbreken van het coronavirus op de logistiek en op de economie wordt steeds groter en zal waarschijnlijk nog groter worden indien de verspreiding niet gestopt kan worden.De internationale handel ondervindt heel wat gevolgen van de maatregelen om het virus in te dijken en overal in de logistieke keten ontstaan extra kosten, congesties of tekorten.

We bekijken in deze nieuwbrief de verschillende aspecten van de goederenverzekering met betrekking tot de bijkomende risico’s die door de impact van het virus ontstaan.

Door de maatregelen om de uitbreiding van het coronavirus te voorkomen, ontstaan ook bijkomende risico’s voor schade of verlies van goederen. In de Goederenverzekeringspolis van Antwerpen van 20.04.2004 zijn er verschillende bepalingen die situaties regelen met betrekking tot deze bijkomende risico’s. Voor alle duidelijkheid willen we er wel op wijzen dat individuele contracten andere of afwijkende bepalingen kunnen bevatten.

Er is ten eerste een risico op het in quarantaine plaatsen van de goederen indien bijvoorbeeld bij de bemanning een besmetting zou worden vastgesteld. De quarantaine is de verplichting die aan het schip wordt opgelegd om binnen een haven te blijven of op een zekere afstand van de kust wegens sanitaire redenen. In geval van dekking op basis van alle risico’s, blijft het risico van schade of verlies overkomen aan de goederen ingevolge de quarantaine gedekt (art. 8). Ook in geval van een beperktere dekking blijven de zeerisico’s gedurende quarantaine gedekt voor totaal verlies (art. 6) of voor alle schade of verliezen (art. 7).

De bijkomende kosten die door de quarantaine ontstaan, zullen niet door de goederenverzekeraar ten laste worden genomen. Deze uitsluiting (verwoord in art. 11.2.3) bevestigt het principe dat de Goederenverzekeringspolis een zaakschadeverzekering is en dat de vergoeding dus in alle gevallen beperkt blijft tot de schade aan de verzekerde voorwerpen.

In dat verband moeten we ook even de aandacht vestigen op de uitsluiting van vertragingsschade in de Goederenverzekeringspolis van Antwerpen. Met vertragingsschade wordt bedoeld dat de goederenverzekeraar niet hoeft tussen te komen voor de gevolgschade door te late levering van de goederen. Het klassieke voorbeeld zijn kerstversieringen die pas na kerstdag geleverd worden. We moeten dit onderscheiden van de schade aan de goederen door vertraging door een verzekerd gevaar. Dus indien bederfelijke goederen tijdens het vervoer beschadigd worden door onvoorziene vertraging, dan is er uiteraard wel sprake van schade. Ook deze uitsluiting vestigt dus de aandacht van de verzekerde op het feit dat de dekking beperkt is tot schade aan de verzekerde zaken met uitsluiting van onrechtstreekse of gevolgschade.

Een gelijkaardige redenering ligt aan de basis van de uitsluiting van rejection-risico’s (art. 11.2.1). Met rejection-risico’s wordt de weigering van onbeschadigde verzekerde goederen en zaken door de bevoegde autoriteiten bedoeld.

Een tweede situatie die zich kan voordoen wordt geregeld door art. 3 van de Goederenverzekeringspolis van Antwerpen. Dit artikel houdt de verzekerde gedekt voor iedere wijziging van de voorziene reis, de koers of vervoersmodaliteiten, inclusief tussentijds verblijf, overslag en herverzending. Indien deze wijzigingen ontstaan buiten de wil van de verzekerde, blijft de dekking verworven zonder aanpassing van de premie. Zelfs indien de wijziging ontstaat door toedoen van de verzekerde, blijft de dekking verworven mits overeen te komen aanpassing van premie. De verzekeraar zal zich dus nooit op risicoverzwaring kunnen beroepen voor deze omstandigheden.

We moeten ten slotte ook nog wijzen op de bepalingen omtrent de duur van de waarborg in de Antwerpse goederenverzekeringspolis. De standaarddekking onder de Goederenverzekeringspolis begint op het ogenblik waarop de verzekerde goederen de overeengekomen plaats van verzending verlaten en eindigt bij aankomst in het magazijn van de bestemmeling of in elk ander eindmagazijn of eindplaats op de aangeduide bestemming. De dekking loopt door zonder onderbreking noch beperking van duur tijdens het normaal verloop van de reis met een maximum van 60 dagen na het lossen van de goederen uit het zeeschip in de eindlossingshaven of 30 dagen na het lossen van de goederen en zaken uit het luchtvervoermiddel. Elke verlenging van dekking boven de hiervoor vermelde termijnen moet aan de verzekeraars worden aangevraagd, hetzij bij het aanvaarden van het risico, hetzij vóór het verstrijken van de hiervoor vermelde termijnen van 60 of 30 dagen. Deze verlenging kan door de verzekeraars, mits overeen te komen aanpassing van premie worden toegestaan.

De conclusie is dan ook dat de Antwerpse goederenverzekeringspolis de verzekerde gedekt houdt voor schade of verlies ten gevolge van de maatregelen die genomen worden om het coronavirus in te dijken. De tussenkomst blijft altijd beperkt tot schade of verlies overkomen aan de verzekerde goederen en er is geen dekking voor de gevolgschades of indirecte schades.

 

Jean Verheyen

Delen