Een Ring voor de mobiliteit van morgen

9 maart 2018 om 10:03 | 977 weergaven

Waarom werken aan de Ring?

De Brusselse Ring of R0 werd aangelegd in de jaren vijftig. Afgezien van een onderhoud op gezette tijden, werd de basisinfrastructuur sindsdien niet meer vernieuwd. Wel kwamen er verscheidene op- en afritten bij.

Ondertussen nam de verkeersdrukte alleen maar toe. De op- en afritten werden een kluwen waar verscheidene verkeersstromen elkaar kruisen. Er is het doorgaand verkeer, maar ook vele lokale verplaatsingen verlopen via de Ring. Structurele files en onveilige situaties zijn het gevolg. Om daaraan te ontsnappen, zoeken heel wat bestuurders een uitweg via de dorpen en steden langs de Ring. Deze woonomgevingen kreunen al jaren onder dit sluipverkeer. Ook de bus staat vandaag mee in de file.

De Ring is een barrière geworden tussen de hoofdstad en haar omgeving. Slechts een klein aantal fietsers en voetgangers waagt nu de oversteek over of onder de Ring. Groengebieden langs de Ring worden doorgesneden of abrupt onderbroken door een op- of afrit.

En dan hebben we het nog niet gehad over de bereikbaarheid van bedrijven. De Brusselse regio blijft groeien. Heel wat nieuwe ontwikkelingen staan in de steigers. Voor al deze ondernemers is een vlotter verkeer en een betere bereikbaarheid met openbaar vervoer, auto en fiets van cruciaal belang.

Tijd voor actie

De Werkvennootschap zet met de Werken aan de Ring in op een betere leef- en werkomgeving in de gemeenten rond de Ring, op een mobiliteit die fiets, openbaar vervoer en auto veilig combineert, en op een Ring die verbindt in plaats van verdeelt. Het plan van aanpak bestaat uit de volgende punten:

  • Investeren in fietsinfrastructuur

Nieuwe fietssnelwegen stimuleren verplaatsingen met de fiets. Aangepaste verlichting, brede fietsbanen, ruime bochten en een obstakelvrij parcours maken van fietsen een veilig en snel alternatief. Door de fietssnelwegen zoveel mogelijk aan te leggen in het groen of langs het water, met respect voor de omgeving, wordt het ook erg aangenaam fietsen.

De missing links in het bestaande netwerk van fietsinfrastructuur worden weggewerkt. Zo zal een nieuwe fietssnelweg, de Kanaalroute Noord, Mechelen met Brussel verbinden langs het kanaal in Grimbergen en Vilvoorde. Verder komen er onder meer fietssnelwegen langs de A12 in Meise en de E40 in Zaventem. De fietssnelweg langs de HST-route tussen Leuven en Brussel wordt verder afgewerkt. Ook op de R22 in Kraainem en Machelen komt kwaliteitsvolle fietsinfrastructuur.

Een tramlijn tussen de luchthaven en het stadscentrum? In 2014 dacht Beci er al aan, met deze fotobewerking.

  • Een beter ontwikkeld en efficiënt openbaar vervoer

    Een tramlijn tussen de luchthaven en het stadscentrum? In 2014 dacht Beci er al aan, met deze fotobewerking.

    Ook het openbaar vervoersnetwerk wordt flink uitgebreid. Drie nieuwe trambuslijnen zorgen voor een vlotte verbinding tussen de Noordrand en Brussel. De Ringtrambus verbindt de luchthaven met het Heizelcomplex via Machelen, Vilvoorde en Grimbergen. Eind 2018 zullen de eerste Ringtrambussen al rijden. In 2019 wordt het volledig Ringtramsbusnetwerk uitgerold.
    Met de Luchthaventram zal je snel van het hart van de hoofdstad naar Brussels Airport kunnen sporen. Langs de A12 zorgt de Sneltram voor een vlotte verbinding tussen Willebroek en Brussel.

 

  • Doorgaand verkeer scheiden van lokaal verkeer op de Ring

Om de Ring rond Brussel veiliger te maken, worden lokaal en doorgaand verkeer van elkaar gescheiden. Zo verminderen de gevaarlijke ‘weefbewegingen’: voertuigen die kriskras door elkaar rijden om de Ring op te rijden of een afrit te nemen.

De Ring rond Brussel zoals we die nu kennen wordt de ‘hoofdrijbaan’: de rijbaan voor doorgaand verkeer. Doorgaand verkeer is verkeer dat de R0 gebruikt voor verplaatsingen over langere afstanden, van de ene snelweg die op de Ring uitkomt naar de andere. Als je bijvoorbeeld via de E40 vanuit Gent komt, en de Ring neemt om dan de E40 richting Luik te nemen, ben je doorgaand verkeer.
Naast de hoofdrijbaan voor doorgaand verkeer komen parallelrijbanen voor het lokale verkeer. Dat is het verkeer dat de R0 gebruikt om een op- of afrit te nemen naar een Brusselse gemeente of een Vlaamse gemeente in de Noordrand.

  • De leefbaarheid van woon- en werkgebieden verbeteren

Door het sluipverkeer te bannen en zoveel mogelijk naar de parallelrijbanen te leiden, worden de woonkernen veiliger en aangenamer om in te wonen. Ook de herinrichting van de bermen en randen van de Ring draagt daartoe bij.Vlotter bereikbare bedrijventerreinen die beter ingepast zijn in de omgeving, zullen zorgen voor een aantrekkelijkere werkomgeving. De ontsluiting van bedrijventerreinen is een cruciaal aspect van de Werken aan de Ring. Daarom zullen deze maatregelen altijd met de bedrijven besproken worden.

 

  • De grote groenzones verbinden

Ook de natuur wordt beter van de geplande werken. De Ring snijdt vandaag verscheidene grote groenpolen doormidden. Daardoor is de natuurlijke leefomgeving van bepaalde diersoorten erg ingeperkt. Door groene verbindingen en oversteken aan te leggen, krijgen ook deze bewoners van de Noordrand meer ruimte. Ook wandelaars en fietsers zullen zo van een veel beter verbonden groengebied kunnen genieten.

  • Het kluwen van op- en afritten vereenvoudigen

Vanuit de lucht bekeken ligt er rondom de R0 een ingewikkeld kluwen van op- en afritten. Door de hele weginfrastructuur aan te pakken en de knooppunten van op- en afritten te vereenvoudigen, komt er plaats voor een betere doorstroming en veiliger verkeer. Dankzij de compactere knopen komt er bovendien nieuwe open ruimte vrij.

 

Eenvoudig kunnen wisselen tussen fiets, auto en openbaar vervoer zal in de toekomst steeds belangrijker worden. De populariteit van autodelen en fietsverhuursystemen blijft alsmaar groeien. De mogelijkheden om de verschillende vervoersmiddelen (of vervoersmodi) te combineren, nemen daardoor ook toe. Op de Park & Rides bij de belangrijkste knooppunten zal je snel kunnen overstappen van de auto of de fiets op het openbaar vervoer of omgekeerd. Het worden echte multimodale knooppunten.

  • Samenwerken aan de Ring van de toekomst

De Werkvennootschap is een projectvennootschap opgericht door de Vlaamse overheid om complexe mobiliteitsprojecten, zoals de Brusselse Ring, gecoördineerd aan te pakken. Inspraak, participatie en samenwerking met alle stakeholders zijn daarbij erg belangrijk. De mobiliteits- en bereikbaarheidsmanager van Beci, Ischa Lambrechts, werkt nauw samen met de mobiliteits- en bereikbaarheidsmanager van Voka, Xavier Boonman, om bedrijven actief te betrekken en te informeren gedurende het hele traject.

Voor meer informatie over de Werken aan de Ring: www.werkenaandering.be

 

De mening van Beci

Beci oordeelt dat de huidige infrastructuur niet aangepast is aan de 21ste eeuw. Sinds de aanleg van de Ring in de jaren 70 is het verkeer verdubbeld, evenals de economische activiteit, trouwens. Vandaag is de Ring voorbijgestreefd, te smal en gevaarlijk, mede omwille van de talrijke op- en afritten, het gebrek aan onderscheid tussen doorgaand en lokaal verkeer en het uitblijven van een dynamisch verkeerbeheer. Overstapmogelijkheden naar het openbaar vervoer zijn nagenoeg onbestaande.

Zeg niet dus niet zomaar uitbreiding van de Ring maar herinrichting. Naast 20 kilometer vernieuwde rijweg wordt er geïnvesteerd in 40 km gloednieuwe fietsinfrastructuur én de 60 km nieuwe tramsporen van het Brabantnet (luchthaventram, ringtram en sneltram). De vernieuwing van de Ring is nodig maar lost niet alle mobiliteitsproblemen op. Een integrale aanpak met ook aandacht voor openbaar vervoer, weg- en fietsinfrastructuur en mobiliteitsmanagement is noodzakelijk.

Een aanpassing van de Ring zou in beide Gewesten het verkeer via alternatieve parkoers moeten luwen, met alle voordelen van dien voor het welzijn. Ook de uitstoot van fijn stof, stikstof en CO2 ligt gevoelig lager bij vlot verkeer dan wanneer alles stilstaat. Iedereen heeft er dus baat bij. De enige realistische doelstelling is een win-win situatie.

Delen