WorkLAB: naar een complete paradigmaverschuiving in de manier waarop we werken

27 april 2021 om 08:04 | 571 weergaven

Bedrijven beraden zich volop over de manier waarop ze het werk gaan organiseren als de coronacrisis achter de rug is. Een terugkeer naar de situatie van vroeger sluiten ze haast zonder uitzondering uit. Ondernemingen opteren voor een hybride vorm: de mix van kantoor en telewerk. De meest geciteerde formule is de combinatie van drie dagen in het bedrijf en twee van thuis uit.

BECI lanceert eind april WorkLAB. Dat project wil een Brussels ecosysteem opzetten, bestaande uit private en publieke actoren, om de positieve effecten van telewerken te optimaliseren maar ook het hoofd te bieden aan de uitdagingen die bij telewerk komen kijken. WorkLAB wil oplossingen aanreiken voor nieuwe ontwikkelingen die de coronacrisis met zich meebrengt op het vlak van werk, vastgoed en mobiliteit.

“Het is een thematiek waarop BECI reeds werkte nog voor de COVID-19 crisis maar deze is des te meer pertinent geworden. De vraag is in welke mate telewerk de norm zal blijven na de coronacrisis. Van de ondervraagde bedrijven beschouwt 28 procent het als een van de belangrijkste uitdagingen voor het personeelsbeleid. Voor 86 procent van de bevraagde werkgevers is het geen probleem om telewerk of flexibele werktijden op lange termijn te vergemakkelijken.” legt Ischa Lambrechts uit, Coordinator Business Innovation bij BECI.

Uit de ERMG enquête van maart 2021 deelden de bevraagde ondernemingen mee dat 32 % van hun werknemers uitsluitend thuiswerken en 15 % deeltijds thuiswerken. Volgens de enquêteresultaten is het gebruik van thuiswerk relatief constant gebleven sinds telewerk in november werd verplicht voor alle functies waarbij dit technisch gezien mogelijk is. 

De respondenten verwachten dat thuiswerk ook na de coronacrisis veel meer gebruikt zal worden: het gemiddeld aantal dagen thuiswerk per week zou namelijk bijna verdrievoudigen van 0.5 dagen vóór tot 1.4 dagen ná de crisis. Het verwachte thuiswerk na de crisis is duidelijk hoger voor ondernemingen in Brussel (2.1 dagen per week) en voor bepaalde bedrijfstakken, met name de informatie en communicatie (2.4 dagen per week), de banken en verzekeringen (2.1 dagen per week) en de ondersteunende diensten (2.0 dagen per week). Het is daarnaast ook belangrijker voor grote ondernemingen en bedrijven die hun kantoorruimte huren in plaats van bezitten.

Ondernemingen zullen in de toekomst duidelijk minder kantoorruimte gebruiken, vooral in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Het groter belang van thuiswerk blijft niet zonder gevolgen voor de benodigde kantoorruimte. Bij de enquête van maart werd aan de respondenten gevraagd hoe hun kantoorruimte per werknemer binnen 5 jaar zal gewijzigd zijn ten opzichte van de situatie vóór de coronacrisis. Gemiddeld wordt daarvoor momenteel een afname met 9 % verwacht. De daling is uiteraard groter voor de bedrijfstakken waarin thuiswerk na de crisis belangrijker zou zijn, met name de banken en verzekeringen (-13 %), de ondersteunende diensten (-18 %) en de bedrijfstak informatie en communicatie (-18 %). De verwachte daling is bovendien het grootst in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (-22 % tegen -6 % in Vlaanderen en ‑4 % in Wallonië), wat mogelijk niet enkel met de trend naar meer thuiswerk te maken heeft.

Lege kantoorruimten

Al deze snel veranderende (werk) gewoonten zullen een onherstelbare impact hebben op veel sectoren van onze economie. 

Structureel telewerken dwingt ons tot het nadenken over de functie van het kantoorgebouw, waarvan de helft momenteel leeg staat. Bedrijven kunnen in de verleiding komen om hun kantoren weg te halen uit grote stedelijke centra. Zo’n beweging zou onvermijdelijk negatieve gevolgen hebben voor de lokale handel, die sterk afhankelijk is van werknemers die alleen voor hun werk naar Brussel komen. Veel forenzen lunchen in de etablissementen van de Europese wijk en rond Noordstation.

Sinds het uitbreken van de gezondheidscrisis staan ​​in Brussel meer kantoorgebouwen leeg dan ooit, maar deze ontwikkeling begon vóór de pandemie. Grote bedrijven lieten hun werknemers al een dag in de week telewerken en maakten van de gelegenheid gebruik om hun ruimtebehoefte te heroverwegen. 

De gezondheidscrisis heeft het proces alleen maar versneld. Al met al blijft het aandeel leegstaande kantoren in Brussel acceptabel. 10% huurleegstand is normaal in een stad als Brussel, maar bedrijven zullen zich altijd vestigen in wijken zoals de Noordwijk, in de onmiddellijke nabijheid van het openbaar vervoer.

Bedrijven lijken in plaats daarvan de gedecentraliseerde gemeenten van de Brusselse agglomeratie te verlaten. De kantoorgebouwen worden daar verbouwd tot woningen. Wel moet gezegd worden dat bewoners in een buurt een ander type economie genereren dan forenzen. Er zullen altijd bedrijven zijn in de binnenstad, maar we zien dat de COVID crisis hen ertoe heeft aangezet hun kantoorruimtes te transformeren. Bedrijven hebben daardoor minder ruimte nodig.

Dit alles zou echter niet zonder gevolgen zijn voor hele delen van onze economie. Als structureel telewerken wordt gefaciliteerd, zullen er oplossingen moeten worden gevonden voor de rehabilitatie van kantoorgebouwen.

Delen