Dit is het verhaal van een Brussels bedrijf dat de grootste culturele routes van de hoofdstad ontwerpt. Het familiebedrijf Tempora zet zijn expertise in alle uithoeken van de wereld in. Een ontmoeting in het hart van een Brussels familiebedrijf, lid van Beci, dat de trots is van ons economisch weefsel.
Je hoeft alleen maar de deur van hun Brusselse kantoren open te duwen om te beseffen dat dit geen gewoon bedrijf is. Hier, in de werkplaatsen, staan decorstukken, constructies die nog worden aangepast en technologische prototypes opgestapeld. Je komt er timmerlieden, elektrotechnici en museografen tegen die druk in de weer zijn in een creatieve, bruisende sfeer. Tempora is de naam achter de grote culturele successen van de hoofdstad, van de tentoonstelling Pompeii in Tour & Taxis tot de meest bezochte artistieke eerbetoonprojecten.
Opgericht door Benoît Remiche, die vandaag samen met zijn zonen Raphaël en Marc aan het roer staat, is dit Belgische cultuurbedrijf erin geslaagd zijn ambachtelijke geest te behouden en tegelijkertijd uit te groeien tot een vooraanstaande speler. Een lokaal ondernemerssucces waar Brussel trots op kan zijn, en dat aantoont dat professionaliteit op cultureel gebied menselijke waarden niet uitsluit.
Een verhaal over overdracht en onafhankelijkheid
Aan de basis van dit avontuur ligt een ietwat gek project: de oprichting van een museum over Europa in Brussel. Hoewel het idee werd gedragen door een vereniging en een aantal gepassioneerde persoonlijkheden, kon er geen vaste locatie worden gevonden om het te vestigen. Maar dat maakte niet uit: het team besloot de inhoud tot leven te brengen via tijdelijke en rondreizende tentoonstellingen. De sporen waren gezet, het vak was geboren. Al snel haalde Tempora zijn eerste overheidsopdrachten binnen, met name voor bezoekerscentra en musea, waarna het bedrijf in 2014 een belangrijke wending nam door het directe beheer van tentoonstellingslocaties op zich te nemen.
Deze keuze voor verticale integratie is een van de grote sterke punten van de organisatie. In tegenstelling tot veel concurrenten die hun projecten uitbesteden aan een netwerk van onderaannemers, heeft de familie Remiche ervoor gekozen om alles in eigen beheer te houden. “Veel bedrijfsmodellen in onze sector zijn gebaseerd op lichte structuren van twee of drie personen die een beroep doen op freelancers”, legt Raphaël Remiche uit. “Wij hebben er daarentegen voor gekozen om alle vakkennis in de werkplaats te integreren, van monteurs en ingenieurs tot scenografen, om zo een echte interne knowhow op te bouwen. Dat is onze bedrijfsvisie: we willen samen bouwen, en zelfs in moeilijkere tijden is het juist dit collectief dat zin geeft aan wat we doen en ons vooruit helpt. ” Bij tegenslagen staat het team als één man achter elkaar, gedreven door de wil om een solide industrieel en cultureel erfgoed op te bouwen.
De uitdaging van het publiek en de gedurfde keuzes
Het werk van Tempora is subtiel: het gaat erom het juiste evenwicht te vinden tussen wetenschappelijke nauwkeurigheid en toegankelijkheid voor het grote publiek. Het bedrijf leeft niet van subsidies, zijn bedrijfsmodel is voornamelijk gebaseerd op kaartverkoop en neveninkomsten, zoals de winkels. Een realiteit die absolute financiële discipline vereist. Het opzetten van een tentoonstelling vergt aanzienlijke financiële investeringen in tijd, personeel en logistiek. Een technisch hoogstandje waarbij elk detail telt, van de keuze van de projectoren tot de scenografie van de ruimte.
Deze onafhankelijkheid biedt een grote culturele vrijheid, maar brengt ook risico’s met zich mee. De tentoonstellingsmarkt is uiterst competitief en soms onvoorspelbaar, zoals blijkt uit de regelmatige wrijvingen tussen internationale producenten of onverwachte wijzigingen in de planning. Toch stelt de opgedane ervaring Tempora vandaag in staat om op gelijke voet te communiceren met de grootste instellingen ter wereld, die niet langer aarzelen om hun collecties aan deze Brusselse experts toe te vertrouwen. Een erkenning die gepaard gaat met een verschuiving naar steeds strengere financiële en milieucriteria.
“Het creëren van inhoud vanuit het niets kost enorm veel geld. We zijn veel strenger geworden in onze financiële aanpak”, vertrouwt Marc Remiche ons toe. “Vroeger won de drang om een project te realiseren soms het van de voorzichtigheid, maar de ervaring heeft ons rigoureuzer gemaakt. De ontwikkelingskosten en de technische apparatuur blijven erg hoog, wat geen ruimte laat voor improvisatie”, vervolgt zijn broer.
Van Brussel naar de rest van de wereld
Hoewel Tempora een aanzienlijk deel van zijn activiteiten in Brussel ontplooit, is het bedrijf uitgegroeid tot een geweldig uithangbord voor de export van de regio. De producties reizen naar Parijs, Lyon en Straatsburg, maar ook naar Londen, Spanje en zelfs naar Boston in de Verenigde Staten. Deze internationale uitstraling is gebaseerd op diverse samenwerkingsmodellen, variërend van langetermijnconcessies tot de verhuur van kant-en-klare concepten.
In een context waarin overal in Europa de overheidssteun voor cultuur afneemt, wenden gemeenten en buitenlandse instellingen zich tot dit particuliere model, dat efficiëntie, creativiteit en een echte beheersing van de bezoekerservaring kan bieden. “We zien een wereldwijde uitputting van de overheidsbudgetten voor cultuur”, analyseert Raphaël Remiche. “Overheden beseffen dat ze moeten samenwerken met particuliere exploitanten die deze essentiële aspecten beheersen en weten hoe ze de bezoekerservaring kunnen optimaliseren.”
Toch blijft het hart van Tempora diep geworteld in Brussel. Ja, de lokale markt is veeleisend, het aanbod is overvloedig en het publiek heeft keuze te over. Maar juist dat is wat de familie Remiche ertoe aanzet om steeds weer het beste uit zichzelf te halen. Brussel blijft hun thuisbasis en hun grootste trots. Een echt lokaal bedrijf dat, tentoonstelling na tentoonstelling, bewijst dat het Brusselse culturele genie met enorm succes naar het buitenland wordt geëxporteerd.
Lees ook dit artikel: Ze komen uit Brussel... En dat is te merken!