China: de nieuwe buitenlandse investeringswet, belofte van openheid?

4 april 2019 door
BECI Community

De Chinese Assemblee heeft midden maart een nieuwe wet inzake buitenlandse investeringen aangenomen, die bedoeld was als reactie op de internationale kritiek op het gebrek aan openheid van de Chinese markt voor buitenlandse bedrijven. 

De nieuwe wet, onderverdeeld in 6 hoofdstukken en 42 artikelen, zal op 1 januari 2020 in werking treden. Het is van toepassing op alle buitenlandse investeerders, alle buitenlandse ondernemingen en joint ventures en vervangt niet minder dan drie eerdere wetten. Op papier is het een belangrijke hervorming, die moet zorgen voor een gelijk speelveld tussen Chinese bedrijven en hun buitenlandse tegenhangers (“FIE’s”), en moet leiden tot een verdere openstelling van de Chinese markt.

Een van de belangrijkste bepalingen van de wet is dat bij het beheer van buitenlandse investeringen gebruik wordt gemaakt van de “negatieve lijst” om de nationale behandeling voorafgaand aan de vestiging te waarborgen. Met andere woorden, dit betekent dat buitenlandse investeerders vanaf het begin van hun oprichting op dezelfde manier moeten worden behandeld als Chinese investeerders.

Wat de bescherming van investeringen betreft, is in de tekst het algemene beginsel van niet-onteigening, de vrije overdracht van legitieme middelen binnen en buiten China en de bescherming van intellectuele-eigendomsrechten verankerd. In het bijzonder verbiedt het expliciet de gedwongen overdracht van technologie, diefstal van intellectuele eigendom en bedrijfsgeheimen, met strafrechtelijke sancties, en legt het de administratieve autoriteiten een geheimhoudingsplicht op.

Op het gebied van overheidsopdrachten – een ander onderwerp van buitenlandse kritiek op China – zorgt de wet voor meer transparantie en biedt zij buitenlandse bedrijven zelfs gelijke deelname aan de vaststelling van normen voor overheidsopdrachten.

Het valt nog te bezien hoe de tekst ten uitvoer zal worden gelegd. In dit verband waren sommige waarnemers – met name onder de internationale kamers van koophandel – van mening dat de nieuwe wet nog niet ver genoeg ging en uitten zij twijfels over de doeltreffendheid ervan, bijvoorbeeld in termen van onteigening of gedwongen overdracht van technologie, waar de garanties ontoereikend zouden zijn. Bovenal zal het nodig zijn om te zien hoe de wetgeving door de Chinese rechtbanken zal worden toegepast.

De tekst heeft in ieder geval de verdienste dat hij de hervorming en de openstelling voor de internationale handel bevordert, op een gebied waar de woorden die de afgelopen maanden vaak op dreigende toon zijn uitgewisseld.

 

BECI Community 4 april 2019
Deel deze post
TAGS 
Archiveren